augustus 2026
M D W D V Z Z
« Mrt    
 12
3456789
10111213141516
17181920212223
24252627282930
31  

Botswana

Nadat we River Zambezi zijn overgestoken zijn er twee keuzes. Of je rijdt het Chobe natuurpark in of je rijdt naar beneden, langs de grens met Zimbabwe, om het Okavango natuurpark heen. Chobe is erg mooi, maar ook erg ontoegankelijk en in de regentijd allen te berijden door zeer ervaren 4×4 chauffeurs. Nu heb ik wel erg veel geleerd ondertussen, maar mijn lijfspreuk : “Ken je beperkingen” is hier duidelijk van toepassing. Rivercrossings en deep sand rijden heb ik nauwelijks gedaan, maar wij hebben al wel ervaren hoe snel je vast kunt zitten.

Dus Chobe doen we niet. De rit om de delta is 1000 Km, over de weg waar veel olifanten worden gezien, naar Maun en dan omhoog richting Namibie. Door deze keuze kunnen we wel een mooie tocht over de rivier de Okavango doen.

De weg van de grens van Zambia naar Nata in Botswana heeft niets teveel beloofd. Grote olifanten met enorme slagtanden staan in de bebossing langs de weg op mindere dan 20 meter afstand. Kleine kuddes, maar ook een enkel mannetje. We hebben tot 2 keer het geluk dat er mannetjes olifanten net de weg oversteken waardoor ze op minder dan 10 meter van onze auto staan!

Maun is een typische safariplaats. Landrovers, Toyota 4×4 en erg veel vooral dure lodges bepalen het straatbeeld. De Okavango delta is natuurgebied en dus moet er fors betaald worden om de delta in te mogen. 600 tot 800 dollar pp zijn normale prijzen voor 2 of 3 dagen. Door de regentijd zijn de meeste dieren in deze enorme delta weggetrokken naar het hart van de delta waar het minder nat is. Dat betekent dat je met een klein vliegtuigje de delta in moet en dat verkaard de prijzen. Daarbij staat Botswana bekend om zijn “High End” safari’s.

 
Wij bezoeken Maun als toerist, tanken de auto af en de jerrycans op het dak, slapen op een eenvoudige campsite waar ’s nachts de krekels worden overstemd door het kwaken van de kikkers die in de vele poelen en sloten van de delta zitten. Het is een oorverdovend orkest van gekwaak. Gelukkig wordt dit diep in de nacht overstemd door onze Zuid-Afrikaanse buurman die stomdronken terug uit de stad komt en nog net zijn safaritent weet te bereiken voor hij zeer luitsnurkend in zijn veldbed stort. Een roughneck zoals de Amerikanen dat noemen, iemand die voor een mining compagny werkt. Samen met zijn maat boren ze naar diamanten, koper en kolen in de omgeving en het schijnt er vol mee te liggen. We hadden even met ze staan praten voordat ze reeds in lichtbeschonken staat in hun 4×4 stapten richting de stad om de hare en niet de mijne aan te boren!

Des al niet te min hebben we goed geslapen en het is droog gebleven die nacht zodat we snel en eenvoudig de daktent konden inpakken voor onze rit richting de grens met Namibie, waar de boottochten vele malen goedkoper zijn dan in Maun. Alle zijwegen langs de weg lopen momenteel dood in drassige afslagen waarbij het gravel is overspoeld en de weg onherkenbaar is geworden.. Een doodsaaie weg van bijna 400 Km met alleen ezels en koeien langs en vooral op de weg. En het moet gezegd worden, ezels zijn echt het domste beest. Ze staan op de weg, en blijven staan ondanks onze extra vrachtwagen hoorn en claxon. Je kunt ze op 2 cm ruimte met 80 voorbij rijden, ze verzetten geen poot.

Net voor de grens met Namibie zijn een paar prachtige lodges die direct aan de Okavango rivier liggen. Helaas zijn de meeste zo ontzettend duur dat we besluiten het aan de andere kant van de grens te proberen. Namibie is toch wat goedkoper en beter toegerust op overlanders.

Comments are closed.