|
|
We willen rond 15 februari de auto bij een verscheper inleveren om vervolgens voor onszelf nog een ticket te regelen en nog 1 week ergens onbezorgd op een zandstrandje te liggen voor we naar huis vliegen.
We zijn nu(10-01-2011) In Malawi en de laatste planning richting Namibie hebben we zojuist bijgesteld in de GPS. We gaan proberen om vanuit Malawi via Zambia naar Namibie te reizen. De wegen in Zambia blijken niet zo best te zijn, zeker niet in het zojuist uitgebroken regenseizoen, maar met de GPS moet het lukken.We verleggen de route dus voor de zoveelste keer en programmeren de GPS opnieuw voor 4500 KM. We proberen ieder land 1 week te bezoeken en dan definitief af te zakken vanuit Namibie naar CapeTown voor de verscheping.
Tot zover de planning!!
Voor het eerst in weken schuiven we aan in een echte file. De toegangsweg tot Dar-Es-Salem is druk, warm, nee zelfs heet en 1 grote Afrikaanse puinhoop. Verkeer en verkopers proberen op dezelfde meters asfalt zaken te doen. Afrikaanse stoplichten werken wel, maar Afrikanen hebben een kleine genetische afwijking die er voor zorgt dat het ze geen kleuren kunnen zien. Dus de stoplichten doen het prima, maar niemand begrijpt ze.
Vrachtwagens die straatje keren, dwars op een rotonde staan, en per definitie neem je voorrang, ongeacht waar je vandaan komt. Het zijn overigens verkeersregels die je als westerling snel aanleert en dan zijn we toch wel weer blij dat onze Cruiser redelijk groot is en helpt dat om ons als volleerde Afrikanen ons door het verkeer te persen.
Overigens is het dan wel weer opvallend dat de middelvinger in Afrika niet werkt, niemand stoort zich aan de chaos, iedereen neemt voorrang en er wordt nauwelijks getoeterd. Mijn soms gefrustreerde opverende middelvinger wordt dan ook niet begrepen. Zelfs onze extra gemonteerde vrachtwagentoeter maakt geen enkele indruk. Uiteraard kom je zelfs met een verkeerschaos uiteindelijk op je bestemming.
Dar-Es-Salem aan zee….Een prachtig plekje net buiten de stad. Een totaal uitgewoond resort waar we mogen staan met de ladder van de daktent ongeveer in zee. Ooit een geweldig mooi complex op een unieke locatie 15 KM buiten Dar.
Er is echter 1 ondragelijk probleem. Het is er zo warm en vochtig dat het niet om uit te houden is. Als we informeren hoe het op Zanzibar is, 1.5 uur varen vanaf hier met de ferry, blijkt het daar nog heter en vochtiger. We besluiten om 2 dagen op deze resort te blijven en bezoeken een tropisch eilandje voor de kust, waar het dinner de versgevangen vis uit zee is, geroosterd op grof zout met een frietje! ’s Avonds gaan we met het kleine bootje terug, rood verbrand, doorgekookt maar erg voldaan.

We reizen de dagen erna richting Malawi. Wederom bergen waar soms zelfs nog steeds oerbomen te zien zijn. We slapen onderweg op een kleine campsite aan een roodbruine rivier. Op het grasveld voor ons zijn ’s nachts onoverdreven een paar duizend glimwormpjes en vuurvliegjes te zien die als een lichtshow het grasveld in waves van wit en groen licht voorzien.

In Mbeya, onze laatste stop voor we de grens met Malawi kruizen slapen we op het terrein bij de Maagdelijke Nonnen, een zusterhuis waar we op zondagmorgen gewekt worden door Afrikaanse kerkelijke ritmische gezangen.
Als we bij het zusterhuis de computer willen gebruiken blijken de 2 extra accu’s beiden schoon leeg te zijn. In eerste instantie lijkt de computergestuurde schakeling het te hebben begeven. Echter, de sparepart uit de auto lost het probleem niet op. Uiteindelijk blijken er dikke kabels losgetrild te zijn die verderop in het systeem kortsluiting hebben gemaakt en is er een zekering van 60 Amp gesmolten en gebroken. Na een uurtje uitbouwen, sleutelen en vervangen en alles opnieuw vastzetten is het probleem opgelost. We hebben weer stroom voor de verlichting, koelkast en computer.
In Mbeya kopen we nog reflexterende stickers voor op de bumpers, verplicht in Malawi, waarna we afscheid nemen van Tanzania. Wel met gemengde gevoelens. Prachtige natuur en parken, duur, mensen niet echt vriendelijk en het toeristje treiteren irriteert echt mateloos.

Op naar Malawi, het vriendelijkste land van Afrika, waar de rassenstrijd, volgens de kenners nog niet is toegeslagen! Hier schijnt iedereen gecontroleerd te worden bij de roadbloks, en niet alleen de blanken.

Als we de parken verlaten en op weg zijn naar Dar-Es-Salem lijkt het wel of de enigste Tanzaniaanse satelliet ons gespot heeft en het hele korps dienders op de been heeft gebracht.
Zoals jullie weten rijden we niet bepaald in de nieuwste Toyota Landcruiser V8, maar in een oersterke maar langzame HJ60. Het begint al vroeg in de morgen. Ook Tanzania is rijk aan bergen en een lange steile klim is ons deel. Ernstig zwart rokend, met de motorkap op een kier voor extra koeling, kruipen we met 20 KM per uur de berg op. Al van ver zie ik de politiepost staan, normaal alleen voor wat simpele vragen en een check van je rijbewijs. Als we na een half uur eindelijk boven zijn worden we staande gehouden en een in uniform geklede agent komt naar ons toe. Hello, I’m a official policemen and you drove 134 Km per hour, so you have to pay 20.000 Shilling. Ik lach hem vriendelijk toe, verklaar hem voor gek en vraag om bewijs. Trots toont hij een lasergun met 134 Km in het scherm.
Ik wordt vriendelijk verzocht per direct te betalen. Ik geef aan geen geld te hebben. Een deal dan maar…10.000 Shilling! Ik draai het raampje dicht zet de motor uit en daar staan we dan midden op de weg..uitgepraat.. De baas van het agentje wordt erbij gehaald. Ons volhardende stilzwijgen doet hem besluiten het incident als een misverstand te benoemen. De agent krijgt op zijn flikker en we kunnen door. Helaas voor de heren geen zakgeld vandaag.
20 Km verderop worden we weer aangehouden. Een agent met geel hesje geeft aan een officiële diender te zijn en heeft geconstateerd dat ik geen gordel draag. Ik droeg ook geen gordel, maar op mijn vraag hoe hij dat heeft kunnen zien, zegt hij stoer : Sharp Eye.
Of ik even 20.000 Shilling wil schuiven. Ik meld wederom dat ik geen geld heb en wederom een deal…10.000 is ook goed. Ik geef aan dat hij wel gelijk heeft, maar het niet heeft kunnen constateren en dat ik dus niet zal betalen. Een tweede diender meldt zich, duwt zijn hoofd door het half geopende raampje en zegt : Give me the GPS. Ik meld hem vriendelijk zijn kop terug te trekken, anders zit hij tussen het raampje geklemd. Ze geven niet op… De auto wordt in beslag genomen. Ik lach vriendelijk en wijs op het Zwitsers wegenvignet uit 2010 wat nog op de voorruit zit en vertel dat deze auto een staatsauto is en niet in beslag kan worden genomen. Ze besturen de sticker en verontschuldigen zich. Een laatste poging wordt ingezet. Geen gordel is 10 US Dollar, dat heeft iedere toerist. Uit de asbak pak ik een aantal Ugandese muntjes die niet gewisseld konden worden. Ik pak onze rekenmachine en type het e.e.a. in. Dan geef ik ze de munten en zeg dat het ruim 10 Dollar is. Ze pakken het aan en ik krijg nog een preek over gordels. Na ruim een kwartier gehussel rijden we verder. Ik 4 muntjes, 15 cent armer, zij een illusie rijker!
Aan het eind van de middag probeert politiepost 3 het voor een laatste maal. Wederom speeding. 68 Km waar je 50 mag. Wederom slechts 20.000 Shilling. Als ik de agent vraag waar het bord van 50 staat kan hij het mij niet aanwijzen. Ik glimlach en wens hem een fijne dag. Met een zwarte rookwolk nemen we afscheid van deze zakkenvuller. Beteutert kijkt hij ons na. Ondertussen is de strategie dat we langzaam, maar zeker bij een politiepost vriendelijk zwaaien zolang er geen roadblok is en vervolgens gewoon doorrijden. Zolang er niet geschoten wordt is dat de snelste oplossing voor deze tijdrovende hobby-zakkenvullers. En daar ze geen communicatiemiddelen hebben, vaak zelfs geen auto, is de kans klein dat het fout zal aflopen. Verder is ongeveer alles toegestaan op het asfalt:-)

Gelukkig regent het de volgende dag pijpenstelen en kunnen we probleemloos 500 KM rijden zonder lasergun hobbyisten en zakkenvullers.
Op nieuwjaarsdag rijden we vanuit Bukabo naar Mwanza omdat we Sergengeti willen bezoeken. Mwanza is de tweede stad van Tanzania en is voor ons slechts een tussenstop naar Serengeti. Omdat we niet via de geeigende route Tanzania zijn ingekomen moeten we ruim 300 Km offroad rijden. Rood gravel, deels goed onderhouden, maar regelmatig is er opeens niets meer.

We gaan steil de bergen is en omdat het regenseizoen is aangebroken zijn sommige stukken gravel veranderd in modderige tracks. In de bergen is de weg een enorm wasbord als gevolg van de zware vrachtwagens die ook omhoog moeten klimmen. De auto heeft het zwaar en de continue aanslag op veren en schokbrekers eist uiteindelijk zijn tol. De achterophanging van de uitlaat breekt af. Provisorisch weet ik het te repareren en in Mwanza lukt het om een versterkt stuk rubber te kopen waar ik een beugel uit snij zodat de uitlaat meer verend opgehangen kan worden. We slapen bij de Catholic Mission Post. Op het besloten terrein repareer ik de afgebroken uitlaat en wordt ik gade geslagen door de zusters die het allemaal heel bijzonder vinden. Met een gerepareerde uitlaat en zonder dat we bekeerd zijn reizen we de volgende dag richting Serengeti, Keniaans beroemste wildpark 14000 KM2 goot.
2 dagen, 1 nacht in Serengeti kost 340 dollar, wat zomaar gepind kan worden! We rijden op de “hoofdweg” door het park, maar nemen ook diverse tracks de bush-bush in. Op een van deze tracks beleven we een offroad avontuur wat niet voor herhaling vatbaar is. Ondanks dat de tracks redelijk droog lijken is de grond eronder drassig en reden we gelukking al met de 4×4 ingeschakeld. We volgen de track met de GPS en vanuit een steile rivieroever die we afdalen en door de droge bedding gaan we om dichte bebossing haaks de bocht om. Voor ons ligt een ogenschijnlijk wat modderige track met halfdiepe verse bandensporen. Dus…begaanbaar. Met enige vaart in de tweede versnelling 4×4 rijden we als blonde hollanders met de ramen open het modderige track in…..Dan duiken we onverwacht tot halverwege de neus van de auto de modder in. In een reflex blijf ik gas geven en de auto ploegt zich door het +/- 50 meter lange spoor. De neus van de auto wekt een enorme golf van water en modder op die over de voorruit, over de auto over ons heen rolt….met de ramen open. Ik blijf gas geven en ploegend, glijdend en glibberend bereiken we de andere kant avn de track waar hard zand is. Beduust kijken we elkaar aan. We hebben het gered, de auto is kompleet grijs en de deuren, shirts en stoelen zitten onder de bagger, maar we hebben het gehaald.
Even flitst het door me heen..stel de auto was vastgelopen of afgeslagen. Dan sta je daar in de Serengeti, alleen, zonder gids..ergens in een meter diepe baggerput, zonder bier!!! Serengeti is prachtig, we slapen op een campsite in het park onder een sterrenhemel die meer sterren bevat dan je ooit had kunnen bedenken. De wilde dieren lopen rakelings langs de campsite waar geen hekken omheen staan. We zien de big-5, die we zelf opsporen, kuddels olifanten, buffels, giraffes, we doorkruizen riviertjes, en zien kuddels nijlpaarden badderen. Kuddes Gnoe’s van duizenden dieren op zoek naar vers gras over eindeloze steppes.

De volgende dag verlaten we Serengeti en rijden we door Ngorongoro, een prachtige krater, met een eigen wildfile, richting Dar-Es-Salem. De krater zelf bezoeken we niet. Entree van Ngorongoro is 140$ en om door de krater te mogen rijden kost het ook nog eens 200$. De Ngorongoro is van de Masaai, die daar samen met hun kuddes koeien en geiten tussen het wild leven. Helaas heeft het toerisme hier ook huisgehouden. Masaai op de foto : 1 dollar, dorpje zien of fotograveren, 50 dollar. Onderweg houden ze hun hand op en willen ze dollars of je lunchbox?? Tegelijkertijd sleuren ze kuddes koeien over de vlakten en een koe levert hiet +/- 500 Dollar op!!

|
|
Laatste reacties